Talentontwikkeling
De externe huiswerkbegeleider houdt individuele reflectiegesprekken met de studenten waarin studenten persoonlijke problemen kunnen aankaarten en de huiswerkbegeleider op een holistische manier met de student reflecteert, waardoor er naar de gehele situatie van de student wordt gekeken en er ook eventuele zorgen of problemen naar voren komen die niet direct met de opleiding te maken hadden. De huiswerkbegeleiding is breed ingestoken en kan inhoudelijke begeleiding omvatten, maar ook leren leren, plannen en omgaan met motivatie en stress. Doordat student zijn/haar wensen en behoeften leert kennen en door de externe begeleiding, leert de student inzien dat de opleiding een onderdeel is van hun professionele en persoonlijke ontwikkeling.
Nazorg
De arbeidscoach legt het contact en peilt de behoefte. Tijdens de begeleiding staan de doelen en behoeften van de student centraal. Deze behoeften kunnen uiteenlopen van praktische vragen tot bijvoorbeeld het bieden van een luisterend oor. Daarnaast staat het aantal contactmomenten nog niet op voorhand vast en kunnen zij ook tot ongeveer een half jaar na het afstuderen ondersteuning krijgen van de arbeidscoach. Dit zorgt voor meer binding met de onderwijsinstelling en een soepelere overgang naar werk of een vervolgopleiding. Door deze vraaggerichte aanpak voelt de student zich serieus genomen en wordt hij/zij gezien en gehoord. Bovendien groeit de autonomie van de studenten om zelfstandig keuzes te maken en doordat studenten onderzoeken waar ze ondersteuning bij nodig hebben wordt de reflectie bij studenten ook gestimuleerd.
Maatwerk
PRAKTISCHE TIPS
Onderstaande tips kunnen ter inspiratie dienen voor begeleiders om aan de slag te gaan met maatwerk.
Proactieve houding. Leg actief contact en peil de individuele behoefte van de student. Start vanuit de vraag van de student en onderzoek waar ondersteuning gewenst is.
Houd flexibiliteit in ondersteuning. Stem de begeleiding flexibel af in tijd, frequentie en duur. Leg contactmomenten niet alleen vooraf vast maar maak deze ook flexibel in te plannen. Bied ondersteuning zolang dat nodig is.
Op locatie. Ga in gesprek op de plek waar de student leert of werkt. Wees zichtbaar en bereikbaar op de stage- of leerwerkplek om de drempel tot contact te verlagen.
Laat de student regie nemen over doelen en onderwerpen. Geef ruimte om zelf leerdoelen, vragen en aandachtspunten in te brengen.
Individuele reflectiegesprekken met aandacht voor de hele situatie. In gesprekken is aandacht voor de volledige situatie van de student, inclusief persoonlijke omstandigheden die van invloed kunnen zijn op leren en functioneren.
Brede ondersteuning. Combineer waar nodig inhoudelijke begeleiding met ondersteuning bij plannen, leren leren, motivatie en stress.
Stimuleer bewustwording van eigen ontwikkeling. Help studenten om na te denken over hun eigen wensen, behoeften en ontwikkeling, en over de plek van de opleiding daarin.
Co-creatie
PRAKTIJKVOORBEELDEN
Deze aanpak heeft een flexibele insteek. De praktijkexpert spreekt de studenten namelijk op stage, waar de studenten naar behoefte contact kunnen opnemen. De praktijkexpert is op verschillende momenten op de stageplek aanwezig, bijvoorbeeld op de eerste stagedag en daarna afhankelijk van de behoefte van de student en afhankelijk van signalen die de werkbegeleider of slb’er opvangt en doorgeeft. De frequentie en inhoud van de ontmoetingen met de praktijkexpert worden daarom niet vooraf vastgesteld. Tijdens de gesprekken hebben studenten de ruimte om het verloop van de stage te bespreken en mogelijke oplossingen bij uitdagingen, met begeleiding van de praktijkexpert, te bedenken. Daarnaast is er ruimte voor inbreng van eigen relevante onderwerpen en om zelf keuzes te maken over leerdoelen en acties. Door deze vraaggerichte aanpak voelt de student dat hij/zij invloed heeft op diens eigen leerproces, wat positief bijdraagt aan de motivatie en betrokkenheid. Ook voelt de student zich serieus genomen en wordt hij/zij gezien en gehoord.
Door de begeleiding af te stemmen op individuele behoeften van studenten, zowel op kwantitatief vlak (hoeveel begeleiding?) als op kwaliteit (inhoud vraaggericht vormgeven) kunnen knelpunten effectief worden aangepakt. Maatwerk kan je ook bieden door aan te sluiten bij talenten, mogelijkheden, behoeften en interesses van de student, waardoor zij voor hun relevante kennis en ervaring op doen. Als je aansluit bij de persoonlijke ervaringen en verhalen van de student, komt deze tot meer reflectie en het ondernemen van vervolgacties.
Hoe kan je dit aanpakken?
Het zorgen voor maatwerk kan je op verschillende manieren aanpakken. De onderstaande voorbeelden zijn ter inspiratie van hoe je dit zelf ook in de onderwijspraktijk kan toepassen. In voorbeeld 1 gaat het over een praktijkexpert op stage waar studenten naar behoefte contact mee kunnen opnemen, bij voorbeeld 2 legt de arbeidscoach het contact en peilt de behoefte, bij voorbeeld 3 praat een externe huiswerkbegeleider met studenten over persoonlijke problemen. Deze voorbeelden kunnen dienen als inspiratiebron als je in de begeleiding meer wilt focussen op het bieden van maatwerk.
PRAKTISCHE TIPS
Onderstaande tips kunnen ter inspiratie dienen voor begeleiders om aan de slag te gaan met een positieve benadering. Het is niet gezegd dat deze aanpak voor alle studenten goed werkt of passend is. Sommige studenten hebben juist wel deadlines en verplichting nodig
Motiverende gespreksvoering. Neem een empathische en niet-oordelende houding aan en stem bewust af in hoeverre deze aanpak past bij de student.
Waardering voor inzet. Benoem wat de student wél doet en waar inspanning zichtbaar is, ook als het resultaat nog niet perfect is.
Vertrouwen uitspreken. Laat merken dat je vertrouwen hebt in de student en moedig aan om nieuwe stappen te zetten en dingen uit te proberen.
Keuze. Bied coachingsgesprekken aan zonder verplichting of sancties, zodat studenten zelf kunnen bepalen of en wanneer zij gebruikmaken van begeleiding.
Eigen regie stimuleren. Laat de verantwoordelijkheid voor deelname en ontwikkeling bij de student liggen en bespreek wat hem of haar van intrinsiek motiveert.
Aansluiten bij motivatie. Ga in gesprek over wat de student belangrijk vindt en wil bereiken, en sluit daarbij aan. Daarbij is minder focus nodig op het sturen via externe druk of verplichtingen.
Carrièrecoach
Bij deze aanpak is het aan studenten zelf om individuele coachingsgesprekken te voeren, er geldt hiervoor geen aanwezigheidsplicht en er zijn ook geen consequenties aan verbonden. Doordat studenten vrij zijn om hierin keuzes te maken, worden ze gestimuleerd om verantwoordelijkheid te nemen voor de eigen ontwikkeling. Dit helpt om studenten vanuit hun innerlijke drijfveren te motiveren.
Co-creatie
PRAKTIJKVOORBEELDEN
De praktijkexpert geeft feedback vanuit een positieve benadering. Dit gebeurt door een motiverende gesprekshouding aan te nemen, wat wil zeggen dat de praktijkexpert een empathische, niet-oordelende, ondersteunende houding aanneemt. Hierbij maakt de begeleider altijd zelf de afweging in welke mate deze vorm van gespreksvoering aansluit bij de student (sommige studenten hebben juist wel deadlines en strikte kaders nodig, daarvoor is deze aanpak minder geschikt). Door de motiverende gesprekshouding van de begeleider, kunnen studenten die onzeker zijn of weinig zelfvertrouwen hebben hierin groeien. De begeleider waardeert inspanningen, spreekt vertrouwen uit. Dit vergroot de motivatie en veerkracht van de student en moedigt studenten aan om meer uit te proberen en verantwoordelijkheid te nemen. Studenten doen hierdoor ook meer succeservaringen op die hen weer helpen in de volgende stappen in opleiding en toeleiding naar werk.
Positieve benadering
Een positieve benadering is volgens de praktijkexperts van belang, omdat studenten het goed willen doen en gewaardeerd willen worden. De ervaring leert dat studenten eerder geneigd zijn om zelf stappen te ondernemen vanuit dat positieve gevoel. Daarnaast helpt een positieve benadering in de motivatie van studenten.
Hoe kan je dit aanpakken?
Het bevorderen van netwerken kan in de praktijk verschillende vormen hebben. De onderstaande voorbeelden zijn ter inspiratie van hoe je dit zelf ook in de onderwijspraktijk kan inzetten. In voorbeeld 1 gaat het over een praktijkexpert die een motiverende gesprekshouding gebruikt en bij voorbeeld 2 ligt de focus op de keuzevrijheid die studenten hebben om een coachingsgesprek te hebben, zonder dat er consequenties zijn verbonden als iemand geen gesprek wil. Deze voorbeelden kunnen dienen als inspiratiebron als je in de begeleiding meer wilt focussen op het toepassen van een positieve benadering.
PRAKTISCHE TIPS
Onderstaande tips kunnen ter inspiratie dienen voor begeleiders om op een laagdrempelige manier aan de slag te gaan in de begeleiding van studenten.
Vast aanspreekpunt. Zorg voor de student voor één herkenbaar gezicht op school en op de stageplek, zodat altijd duidelijk is bij wie de student terecht kan.
Zichtbaar en nabij. Zorg voor vaste contactmomenten en aanwezigheid op plekken waar studenten zijn, zodat begeleiding vanzelfsprekend en toegankelijk voelt (denk bijvoorbeeld aan een vaste kantoorplek waar de deur altijd open staat, aanwezig zijn in de kantine, laagdrempelig contact via telefoon).
Brugfunctie. Onderhoud actief contact met werkbegeleiders en de opleiding en verbind signalen, vragen en behoeften van de student met de juiste partijen.
Vertrouwensband. Investeer in een persoonlijke relatie door informele gesprekken en oprechte interesse, zodat studenten zich veilig voelen om zich uit te spreken.
Laagdrempelige communicatie. Maak gebruik van informele en toegankelijke kanalen, zoals WhatsApp, om snel en makkelijk contact mogelijk te maken.
Ruimte voor eigen inbreng. Geef studenten de gelegenheid om zelf onderwerpen, ervaringen en vragen in te brengen in gesprekken.
Vrijblijvende deelname. Bied coachingsgesprekken aan zonder verplichting of consequenties, zodat studenten op eigen moment en vanuit eigen motivatie aansluiten.
Delen en herkennen. Faciliteer groeps- en individuele momenten waarin studenten ervaringen kunnen delen en herkenning vinden bij elkaar.
Veilige leeromgeving. Werk bewust aan een sfeer waarin studenten zich gezien en gehoord voelen en waarin het normaal is om hulp te vragen of problemen te benoemen.
Talentontwikkeling
De student krijgt extra slb-uren (groep of individueel) als onderdeel van de opleiding. Doordat de student ervaringen kan delen en bij andere studenten kan herkennen, voelt de student zich verbonden met de opleiding, serieus genomen en dat hij/zij gezien en gehoord wordt. Daarnaast is het voor studenten laagdrempelig om ervaringen te delen en problemen aan te kaarten.
Carrièrecoach
Bij deze aanpak is de begeleiding laagdrempelig en flexibel ingestoken. Het is aan studenten zelf om individuele coachingsgesprekken te voeren, er geldt hiervoor geen aanwezigheidsplicht en er zijn ook geen consequenties aan verbonden. Studenten hebben ook de ruimte om eigen onderwerpen te bespreken, ervaringen te delen en situaties aan te dragen om te bespreken. Doordat studenten vrij zijn om hierin keuzes te maken, worden ze gestimuleerd om verantwoordelijkheid te nemen voor de eigen ontwikkeling. Dit helpt om studenten vanuit hun innerlijke drijfveren te motiveren.
Nazorg
In de gesprekken met de arbeidscoach heeft de student ruimte om eigen onderwerpen te bespreken. De focus ligt op het opbouwen van een vertrouwensband, o.a. door informele ontmoetingen en het inzetten van laagdrempelige communicatiekanalen zoals WhatsApp. De arbeidscoach zorgt dat hij/zij zichtbaar en benaderbaar is. Dit samen verlaagt de drempel voor studenten om hulp te zoeken en om zorgen te uiten en vragen te stellen. Daarnaast wordt het gevoel van verbondenheid en vertrouwen versterkt. Doordat studenten hulp durven te vragen, stimuleert dat de ontwikkeling van persoonlijke en professionele vaardigheden en om zelfverzekerder om te gaan met tegenslagen.
Co-creatie
PRAKTIJKVOORBEELDEN
De praktijkexpert spreekt de student op stage en school en is het vaste aanspreekpunt op de stage. De praktijkexpert fungeert daarmee als brug tussen studenten, werkbegeleiders en de onderwijsinstelling. Ze bouwen een persoonlijke band op met de studenten, door hen zowel op school als op de stageplek te begeleiden. Er zijn vaste contactmomenten, waardoor de begeleiders zichtbaar en benaderbaar zijn en studenten altijd weten bij wie ze terechtkunnen. Dit zorgt voor een omgeving waarin studenten zich veilig voelen. Door een veilige en vertrouwde omgeving te creëren, is de drempel lager voor studenten om vragen te stellen, hulp te vragen en open durven te zijn over eigen (on)mogelijkheden.
Laagdrempelig
De begeleiding is laagdrempelig. Dit houdt in dat de student bijvoorbeeld gemakkelijk contact kan maken met de begeleider om problemen te bespreken, dat er vaste begeleiders zijn, of dat de begeleiding een vast onderdeel is van de opleiding. Het aanbieden van toegankelijke begeleiding, maakt het makkelijker voor studenten om hulp te zoeken.
Hoe kan je dit aanpakken?
Laagdrempelige begeleiding kan in de praktijk verschillende vormen hebben. De onderstaande voorbeelden zijn ter inspiratie van hoe je dit zelf ook in de onderwijspraktijk kan toepassen. Bij voorbeeld 1 gaat het om de praktijkexpert die zorgt voor een veilige en vertrouwde omgeving, bij voorbeeld 2 ligt de focus o.a. op het inzetten van laagdrempelige communicatiekanalen en informele ontmoetingen, bij voorbeeld 3 is de begeleiding niet verplicht en laat het studenten vrij om een gesprek te hebben en voorbeeld 4 is gericht op het delen van ervaringen in individueel en groepsverband en de herkenning die daarbij kan komen kijken. Deze voorbeelden kunnen dienen als inspiratiebron als je je meer wilt richten op laagdrempelige begeleiding.
PRAKTISCHE TIPS
Onderstaande tips kunnen ter inspiratie dienen voor begeleiders om te werken aan een vertrouwde relatie in de begeleiding van studenten.
Vast aanspreekpunt. Zorg dat studenten één herkenbaar contactpersoon hebben op school en stage, zodat altijd duidelijk is bij wie zij terechtkunnen.
Zichtbaar en benaderbaar. Wees regelmatig aanwezig en plan vaste contactmomenten, zodat contact vanzelfsprekend en veilig aanvoelt.
Persoonlijke relatie. Investeer bewust in het leren kennen van de student, zowel op school als op de stageplek, om vertrouwen op te bouwen.
Ruimte voor eigen onderwerpen. Geef studenten de gelegenheid om zelf te bepalen wat zij willen bespreken, zonder dat het gesprek direct gestuurd wordt.
Informeel contact. Maak gebruik van laagdrempelige communicatiekanalen, zoals WhatsApp, en informele ontmoetingen om de afstand te verkleinen.
Neutrale rol. Benadruk – waar van toepassing – dat begeleiding geen invloed heeft op cijfers of beoordelingen, zodat studenten vrijuit durven spreken. Hierbij kan ook overwogen worden om externe coaches in te schakelen. Zij zijn bij uitstek in staat om als neutrale buitenstaander vanuit een holistisch perspectief de student te begeleiden.
Ervaring uit de praktijk. Zet praktijkervaring in om situaties te herkennen en te normaliseren, wat helpt om een veilige en open sfeer te creëren.
Oog voor welzijn. Informeer naar het (mentale) welzijn van studenten en laat merken dat je ook buiten vaste momenten betrokken bent bij hoe het met hen gaat.
Talentontwikkeling
De slb’er is een vast, bekend contactpersoon voor studenten. De slb’er let hierbij ook op het mentale welzijn van studenten en heeft bijvoorbeeld ook af en toe buiten kantoortijden contact met de studenten. Doordat er een vast gezicht is en studenten weten dat er iemand vanuit de opleiding is die hen in de gaten houdt hoe het met hen gaat, krijgen studenten het gevoel dat hun zorgen en emoties serieus genomen worden. Hierdoor voelen studenten zich wellicht eerder vrij en veilig genoeg om vragen te stellen, problemen te adresseren, ervaringen en vrijuit gedachtes te delen.
Carrièrecoach
De coach is van buiten de school, maar heeft praktijkervaring in het werkveld. Hierdoor is de coach als een ‘neutrale medestander’, wat studenten de kans biedt om zich vrijuit te spreken over problemen en zonder angst voor mogelijke gevolgen. Ze hebben namelijk geen invloed op cijfers of rapportages, wat helpt om een open en vertrouwde relatie op te bouwen. Door een veilige en vertrouwde omgeving te creëren die de carrièrecoach vanuit ervaring kan herkennen, durft de student vragen te stellen en ervaringen te delen en komen er middels een gezamenlijk proces problemen naar boven.
Nazorg
In de gesprekken met de arbeidscoach heeft de student ruimte om eigen onderwerpen te bespreken. De focus ligt op het opbouwen van een vertrouwensband, o.a. door informele ontmoetingen en het inzetten van laagdrempelige communicatiekanalen zoals WhatsApp. De arbeidscoach zorgt dat hij/zij zichtbaar en benaderbaar is. Dit samen verlaagt de drempel voor studenten om hulp te zoeken en om zorgen te uiten en vragen te stellen. Daarnaast wordt het gevoel van verbondenheid en vertrouwen versterkt. Doordat studenten hulp durven te vragen, stimuleert dat de ontwikkeling van persoonlijke en professionele vaardigheden en om zelfverzekerder om te gaan met tegenslagen.
Co-creatie
PRAKTIJKVOORBEELDEN
De praktijkexpert spreekt de student op stage en school en is het vaste aanspreekpunt op de stage. De praktijkexpert fungeert daarmee als brug tussen studenten, werkbegeleiders en de onderwijsinstelling. Ze bouwen een persoonlijke band op met de studenten, door hen zowel op school als op de stageplek te begeleiden. Er zijn vaste contactmomenten, waardoor de begeleiders zichtbaar en benaderbaar zijn en studenten altijd weten bij wie ze terechtkunnen. Dit zorgt voor een omgeving waarin studenten zich veilig voelen. Door een veilige en vertrouwde omgeving te creëren, is de drempel lager voor studenten om vragen te stellen, hulp te vragen en open durven te zijn over eigen (on)mogelijkheden.
Vertrouwde relatie
Een Vertrouwde relatie zorgt ervoor dat studenten zich makkelijker uit durven te spreken zonder angst voor negatieve gevolgen. Het wordt ook als essentieel gezien voor het creëren van een veilige leeromgeving. Hierbij kan gedacht worden aan een vaste begeleider, maar ook aan externe begeleiding.
Hoe kan je dit aanpakken?
Het creëren van een vertrouwde relatie kan je op verschillende manieren aanpakken. De onderstaande voorbeelden zijn ter inspiratie van hoe je dit zelf ook in de onderwijspraktijk kan toepassen. Bij voorbeeld 1 is de praktijkexpert een vast aanspreekpunt en zijn er ook vaste contactmomenten, bij het tweede voorbeeld ligt de focus op het opbouwen van een vertrouwensband o.a. door informele ontmoetingen en laagdrempelige communicatiekanalen, bij voorbeeld 3 komt de coach van buiten de school en voorbeeld 4 is gericht op een vast contactpersoon die ook focust op het mentale welbevinden van de studenten. Deze voorbeelden kunnen dienen als inspiratiebron als je je in de begeleiding meer wilt richten op het creëren en opbouwen van een vertrouwde relatie.
PRAKTISCHE TIPS
Onderstaande tips kunnen ter inspiratie dienen voor begeleiders om oog te hebben voor het welbevinden van studenten.
Extra aandacht. Gebruik aanvullende slb-uren om het mentale welbevinden van studenten actief te volgen en signalen vroegtijdig op te merken.
Gedeelde verantwoordelijkheid. Werk indien nodig samen met externe huiswerkbegeleiders en andere betrokkenen om studenten vanuit meerdere perspectieven te ondersteunen, bijvoorbeeld wanneer overbelasting dreigt.
Vroeg signaleren. Wees alert op veranderingen in gedrag, motivatie of prestaties en bespreek deze laagdrempelig met de student.
Tijdig doorverwijzen. Schakel passende professionele hulp in wanneer dat nodig is, zodat mentale klachten niet verergeren en studenten op tijd ondersteuning krijgen.
Talentontwikkeling
PRAKTIJKVOORBEELD
Door de extra slb-uren kan de slb’er extra scherp letten op het mentaal welbevinden van de studenten en extra ondersteuning aanbieden waar nodig. Daarnaast ziet de externe huiswerkbegeleider dit ook als belangrijke taak en speelt hierin een ondersteunende rol. Wanneer de student daar behoefte aan heeft, kan extra studiebegeleiding worden ingezet. Door de aandacht voor mentaal welbevinden, kunnen er in de opleiding eerder mentale problemen gesignaleerd worden en waar nodig, worden doorverwezen zodat de student op tijd hulp ontvangt. Door de bredere aandacht vanuit verschillende hoeken, wordt voorkomen dat mentale klachten escaleren.
Oog voor welbevinden
Vroegtijdig signaleren van problemen en het bieden van passende ondersteuning draagt bij aan de mentale gezondheid en motivatie van studenten.
Hoe kan je dit aanpakken?
Vroegtijdige signalering kan in de praktijk verschillende vormen hebben. Onderstaand voorbeeld is gericht op het extra aandacht hebben voor mentaal welbevinden vanuit verschillende hoeken. Dit voorbeeld kan als inspiratiebron dienen als je je in de begeleiding meer oog wilt hebben voor welbevinden.
PRAKTISCHE TIPS
Onderstaande vragen kun je jezelf als begeleider stellen om te reflecteren op waar je behoefte aan hebt om te werken aan je eigen professionalisering.
Gezamenlijke reflectie. Zijn er regelmatig rondetafelgesprekken of andere bijenkomsten waarin je als begeleider praktijkervaringen kunt delen en samen reflecteren op de begeleidersrol en de uitdagingen die dat soms met zich meebrengt?
Individuele ondersteuning. Is er structureel ruimte voor één-op-één gesprekken voor begeleiders om dilemma’s te bespreken en gerichte oplossingen te verkennen.
Evalueren: Wordt de voortgang van een specifieke casus of andere aanpak met elkaar besproken en gemonitord, zodat dit bijdraagt aan een langdurige ontwikkeling en leerproces van jou als begeleider?
Coachingsvaardigheden versterken. Is er (intern of extern) ruimte om te oefenen met het stellen van reflectieve vragen, het aannemen van een neutrale houding en het geven van constructieve feedback.
Eenduidige aanpak. Ervaar je goede afstemming en samenwerking tussen begleiders in een learning community, zodat studenten een consistente en herkenbare begeleiding ervaren, of maakt het voor de student nu erg uit welke begeleider men treft?
Carrièrecoach
Bij deze aanpak wordt een aantal bijeenkomsten voor carrièrecoaches georganiseerd om studenten beter te kunnen begeleiden. De carrièrecoach, die uit de praktijk komt, wordt ondersteund met een kick-off, intervisiemomenten en leidende vragen voor de sessies. Tijdens deze sessies leren zij coachingsvaardigheden, zoals het stellen van reflectieve vragen, het aannemen van de houding van een neutrale medestander en het geven van feedback. Daarnaast is er ook ruimte voor onderlinge afstemming tussen carrièrecoaches, zodat er geen grote verschillen ontstaan voor studenten. Dit zorgt voor een eenduidige en gestuctureerde coachingsaanpak. De coaches worden samengebracht in een learning community, hierdoor leren ze ook van elkaar en kunnen ze beter met elkaar afstemmen.
Co-creatie
PRAKTIJKVOORBEELDEN
Bij deze aanpak organiseren praktijkexperts regelmatig rondetafelgesprekken waarin werkbegeleiders praktijkervaringen delen en reflecteren op hun begeleidersrol. Daarnaast voeren praktijkexperts één-op-één gesprekken om werkbegeleiders te ondersteunen bij dilemma’s en hen te helpen oplossingen te vinden voor specifieke uitdagingen in de begeleiding. Door deze gesprekken gaat ook de werkbegeleider reflecteren op het eigen handelen en kan de begeleiding daarop weer aanpassen. Doordat de begeleiders leren leren, hebben zij een betere leerhouding, worden zij betere rolmodellen en kunnen zij passende begeleiding geven aan de student.
Professionalisering van begeleiders
Het professionaliseren van begeleiders door hen op te leiden of samen te laten reflecteren tijdens intervisiemomenten zorgt ervoor dat ze studenten beter kunnen ondersteunen.
Hoe kan je dit aanpakken?
Professionalisering van begeleiders kan in de praktijk verschillende vormen hebben. Onderstaande voorbeelden kunnen ter inspiratie dienen van hoe je dit zelf ook in de onderwijspraktijk kan toepassen. Bij voorbeeld 1 leren begeleiders leren en bij voorbeeld 2 leren begeleiders in een aantal bijeenkomsten coachingsvaardigheden, kunnen zij onderling afstemmen en leren ze ook weer van elkaar. Deze voorbeelden kunnen dienen als inspiratiebron als je zelf ook aan de slag wilt gaan met professionalisering (van begeleiders).
begeleidingsniveau
Nazorg
PRAKTISCHE TIPS
Onderstaande tips kunnen ter inspiratie dienen voor begeleiders om aan de slag te gaan met maatwerk.
Proactieve houding. Leg actief contact en peil de individuele behoefte van de student. Start vanuit de vraag van de student en onderzoek waar ondersteuning gewenst is.
Houd flexibiliteit in ondersteuning. Stem de begeleiding flexibel af in tijd, frequentie en duur. Leg contactmomenten niet alleen vooraf vast maar maak deze ook flexibel in te plannen. Bied ondersteuning zolang dat nodig is.
Op locatie. Ga in gesprek op de plek waar de student leert of werkt. Wees zichtbaar en bereikbaar op de stage- of leerwerkplek om de drempel tot contact te verlagen.
Laat de student regie nemen over doelen en onderwerpen. Geef ruimte om zelf leerdoelen, vragen en aandachtspunten in te brengen.
Individuele reflectiegesprekken met aandacht voor de hele situatie. In gesprekken is aandacht voor de volledige situatie van de student, inclusief persoonlijke omstandigheden die van invloed kunnen zijn op leren en functioneren.
Brede ondersteuning. Combineer waar nodig inhoudelijke begeleiding met ondersteuning bij plannen, leren leren, motivatie en stress.
Stimuleer bewustwording van eigen ontwikkeling. Help studenten om na te denken over hun eigen wensen, behoeften en ontwikkeling, en over de plek van de opleiding daarin.
De externe huiswerkbegeleider houdt individuele reflectiegesprekken met de studenten waarin studenten persoonlijke problemen kunnen aankaarten en de huiswerkbegeleider op een holistische manier met de student reflecteert, waardoor er naar de gehele situatie van de student wordt gekeken en er ook eventuele zorgen of problemen naar voren komen die niet direct met de opleiding te maken hadden. De huiswerkbegeleiding is breed ingestoken en kan inhoudelijke begeleiding omvatten, maar ook leren leren, plannen en omgaan met motivatie en stress. Doordat student zijn/haar wensen en behoeften leert kennen en door de externe begeleiding, leert de student inzien dat de opleiding een onderdeel is van hun professionele en persoonlijke ontwikkeling.
Talentontwikkeling
De arbeidscoach legt het contact en peilt de behoefte. Tijdens de begeleiding staan de doelen en behoeften van de student centraal. Deze behoeften kunnen uiteenlopen van praktische vragen tot bijvoorbeeld het bieden van een luisterend oor. Daarnaast staat het aantal contactmomenten nog niet op voorhand vast en kunnen zij ook tot ongeveer een half jaar na het afstuderen ondersteuning krijgen van de arbeidscoach. Dit zorgt voor meer binding met de onderwijsinstelling en een soepelere overgang naar werk of een vervolgopleiding. Door deze vraaggerichte aanpak voelt de student zich serieus genomen en wordt hij/zij gezien en gehoord. Bovendien groeit de autonomie van de studenten om zelfstandig keuzes te maken en doordat studenten onderzoeken waar ze ondersteuning bij nodig hebben wordt de reflectie bij studenten ook gestimuleerd.
Deze aanpak heeft een flexibele insteek. De praktijkexpert spreekt de studenten namelijk op stage, waar de studenten naar behoefte contact kunnen opnemen. De praktijkexpert is op verschillende momenten op de stageplek aanwezig, bijvoorbeeld op de eerste stagedag en daarna afhankelijk van de behoefte van de student en afhankelijk van signalen die de werkbegeleider of slb’er opvangt en doorgeeft. De frequentie en inhoud van de ontmoetingen met de praktijkexpert worden daarom niet vooraf vastgesteld. Tijdens de gesprekken hebben studenten de ruimte om het verloop van de stage te bespreken en mogelijke oplossingen bij uitdagingen, met begeleiding van de praktijkexpert, te bedenken. Daarnaast is er ruimte voor inbreng van eigen relevante onderwerpen en om zelf keuzes te maken over leerdoelen en acties. Door deze vraaggerichte aanpak voelt de student dat hij/zij invloed heeft op diens eigen leerproces, wat positief bijdraagt aan de motivatie en betrokkenheid. Ook voelt de student zich serieus genomen en wordt hij/zij gezien en gehoord.
Co-creatie
PRAKTIJKVOORBEELDEN
Door de begeleiding af te stemmen op individuele behoeften van studenten, zowel op kwantitatief vlak (hoeveel begeleiding?) als op kwaliteit (inhoud vraaggericht vormgeven) kunnen knelpunten effectief worden aangepakt. Maatwerk kan je ook bieden door aan te sluiten bij talenten, mogelijkheden, behoeften en interesses van de student, waardoor zij voor hun relevante kennis en ervaring op doen. Als je aansluit bij de persoonlijke ervaringen en verhalen van de student, komt deze tot meer reflectie en het ondernemen van vervolgacties.
Hoe kan je dit aanpakken?
Het zorgen voor maatwerk kan je op verschillende manieren aanpakken. De onderstaande voorbeelden zijn ter inspiratie van hoe je dit zelf ook in de onderwijspraktijk kan toepassen. In voorbeeld 1 gaat het over een praktijkexpert op stage waar studenten naar behoefte contact mee kunnen opnemen, bij voorbeeld 2 legt de arbeidscoach het contact en peilt de behoefte, bij voorbeeld 3 praat een externe huiswerkbegeleider met studenten over persoonlijke problemen. Deze voorbeelden kunnen dienen als inspiratiebron als je in de begeleiding meer wilt focussen op het bieden van maatwerk.
Maatwerk
Onderstaande tips kunnen ter inspiratie dienen voor begeleiders om aan de slag te gaan met een positieve benadering. Het is niet gezegd dat deze aanpak voor alle studenten goed werkt of passend is. Sommige studenten hebben juist wel deadlines en verplichting nodig
Motiverende gespreksvoering. Neem een empathische en niet-oordelende houding aan en stem bewust af in hoeverre deze aanpak past bij de student.
Waardering voor inzet. Benoem wat de student wél doet en waar inspanning zichtbaar is, ook als het resultaat nog niet perfect is.
Vertrouwen uitspreken. Laat merken dat je vertrouwen hebt in de student en moedig aan om nieuwe stappen te zetten en dingen uit te proberen.
Keuze. Bied coachingsgesprekken aan zonder verplichting of sancties, zodat studenten zelf kunnen bepalen of en wanneer zij gebruikmaken van begeleiding.
Eigen regie stimuleren. Laat de verantwoordelijkheid voor deelname en ontwikkeling bij de student liggen en bespreek wat hem of haar van intrinsiek motiveert.
Aansluiten bij motivatie. Ga in gesprek over wat de student belangrijk vindt en wil bereiken, en sluit daarbij aan. Daarbij is minder focus nodig op het sturen via externe druk of verplichtingen.
PRAKTISCHE TIPS
Bij deze aanpak is het aan studenten zelf om individuele coachings-gesprekken te voeren, er geldt hiervoor geen aanwezigheidsplicht en er zijn ook geen consequenties aan verbonden. Doordat studenten vrij zijn om hierin keuzes te maken, worden ze gestimuleerd om verantwoordelijkheid te nemen voor de eigen ontwikkeling. Dit helpt om studenten vanuit hun innerlijke drijfveren te motiveren.
Carrièrecoach
De praktijkexpert geeft feedback vanuit een positieve benadering. Dit gebeurt door een motiverende gesprekshouding aan te nemen, wat wil zeggen dat de praktijkexpert een empathische, niet-oordelende, ondersteunende houding aanneemt. Hierbij maakt de begeleider altijd zelf de afweging in welke mate deze vorm van gespreksvoering aansluit bij de student (sommige studenten hebben juist wel deadlines en strikte kaders nodig, daarvoor is deze aanpak minder geschikt). Door de motiverende gesprekshouding van de begeleider, kunnen studenten die onzeker zijn of weinig zelfvertrouwen hebben hierin groeien. De begeleider waardeert inspanningen, spreekt vertrouwen uit. Dit vergroot de motivatie en veerkracht van de student en moedigt studenten aan om meer uit te proberen en verantwoordelijkheid te nemen. Studenten doen hierdoor ook meer succeservaringen op die hen weer helpen in de volgende stappen in opleiding en toeleiding naar werk.
Co-creatie
PRAKTIJKVOORBEELDEN
Een positieve benadering is volgens de praktijkexperts van belang, omdat studenten het goed willen doen en gewaardeerd willen worden. De ervaring leert dat studenten eerder geneigd zijn om zelf stappen te ondernemen vanuit dat positieve gevoel. Daarnaast helpt een positieve benadering in de motivatie van studenten.
Hoe kan je dit aanpakken?
Het bevorderen van netwerken kan in de praktijk verschillende vormen hebben. De onderstaande voorbeelden zijn ter inspiratie van hoe je dit zelf ook in de onderwijspraktijk kan inzetten. In voorbeeld 1 gaat het over een praktijkexpert die een motiverende gesprekshouding gebruikt en bij voorbeeld 2 ligt de focus op de keuzevrijheid die studenten hebben om een coachingsgesprek te hebben, zonder dat er consequenties zijn verbonden als iemand geen gesprek wil. Deze voorbeelden kunnen dienen als inspiratiebron als je in de begeleiding meer wilt focussen op het toepassen van een positieve benadering.
Positieve benadering
Onderstaande tips kunnen ter inspiratie dienen voor begeleiders om op een laagdrempelige manier aan de slag te gaan in de begeleiding van studenten.
Vast aanspreekpunt. Zorg voor de student voor één herkenbaar gezicht op school en op de stageplek, zodat altijd duidelijk is bij wie de student terecht kan.
Zichtbaar en nabij. Zorg voor vaste contactmomenten en aanwezigheid op plekken waar studenten zijn, zodat begeleiding vanzelfsprekend en toegankelijk voelt (denk bijvoorbeeld aan een vaste kantoorplek waar de deur altijd open staat, aanwezig zijn in de kantine, laagdrempelig contact via telefoon).
Brugfunctie. Onderhoud actief contact met werkbegeleiders en de opleiding en verbind signalen, vragen en behoeften van de student met de juiste partijen.
Vertrouwensband. Investeer in een persoonlijke relatie door informele gesprekken en oprechte interesse, zodat studenten zich veilig voelen om zich uit te spreken.
Laagdrempelige communicatie. Maak gebruik van informele en toegankelijke kanalen, zoals WhatsApp, om snel en makkelijk contact mogelijk te maken.
Ruimte voor eigen inbreng. Geef studenten de gelegenheid om zelf onderwerpen, ervaringen en vragen in te brengen in gesprekken.
Vrijblijvende deelname. Bied coachingsgesprekken aan zonder verplichting of consequenties, zodat studenten op eigen moment en vanuit eigen motivatie aansluiten.
Delen en herkennen. Faciliteer groeps- en individuele momenten waarin studenten ervaringen kunnen delen en herkenning vinden bij elkaar.
Veilige leeromgeving. Werk bewust aan een sfeer waarin studenten zich gezien en gehoord voelen en waarin het normaal is om hulp te vragen of problemen te benoemen.
PRAKTISCHE TIPS
De student krijgt extra slb-uren (groep of individueel) als onderdeel van de opleiding. Doordat de student ervaringen kan delen en bij andere studenten kan herkennen, voelt de student zich verbonden met de opleiding, serieus genomen en dat hij/zij gezien en gehoord wordt. Daarnaast is het voor studenten laagdrempelig om ervaringen te delen en problemen aan te kaarten.
Talentontwikkeling
Bij deze aanpak is de begeleiding laagdrempelig en flexibel ingestoken. Het is aan studenten zelf om individuele coachingsgesprekken te voeren, er geldt hiervoor geen aanwezigheidsplicht en er zijn ook geen consequenties aan verbonden. Studenten hebben ook de ruimte om eigen onderwerpen te bespreken, ervaringen te delen en situaties aan te dragen om te bespreken. Doordat studenten vrij zijn om hierin keuzes te maken, worden ze gestimuleerd om verantwoordelijkheid te nemen voor de eigen ontwikkeling. Dit helpt om studenten vanuit hun innerlijke drijfveren te motiveren.
Carrièrecoach
In de gesprekken met de arbeidscoach heeft de student ruimte om eigen onderwerpen te bespreken. De focus ligt op het opbouwen van een vertrouwensband, o.a. door informele ontmoetingen en het inzetten van laagdrempelige communicatiekanalen zoals WhatsApp. De arbeidscoach zorgt dat hij/zij zichtbaar en benaderbaar is. Dit samen verlaagt de drempel voor studenten om hulp te zoeken en om zorgen te uiten en vragen te stellen. Daarnaast wordt het gevoel van verbondenheid en vertrouwen versterkt. Doordat studenten hulp durven te vragen, stimuleert dat de ontwikkeling van persoonlijke en professionele vaardigheden en om zelfverzekerder om te gaan met tegenslagen.
Nazorg
De praktijkexpert spreekt de student op stage en school en is het vaste aanspreekpunt op de stage. De praktijkexpert fungeert daarmee als brug tussen studenten, werkbegeleiders en de onderwijsinstelling. Ze bouwen een persoonlijke band op met de studenten, door hen zowel op school als op de stageplek te begeleiden. Er zijn vaste contactmomenten, waardoor de begeleiders zichtbaar en benaderbaar zijn en studenten altijd weten bij wie ze terechtkunnen. Dit zorgt voor een omgeving waarin studenten zich veilig voelen. Door een veilige en vertrouwde omgeving te creëren, is de drempel lager voor studenten om vragen te stellen, hulp te vragen en open durven te zijn over eigen (on)mogelijkheden.
Co-creatie
PRAKTIJKVOORBEELDEN
De begeleiding is laagdrempelig. Dit houdt in dat de student bijvoorbeeld gemakkelijk contact kan maken met de begeleider om problemen te bespreken, dat er vaste begeleiders zijn, of dat de begeleiding een vast onderdeel is van de opleiding. Het aanbieden van toegankelijke begeleiding, maakt het makkelijker voor studenten om hulp te zoeken.
Hoe kan je dit aanpakken?
Laagdrempelige begeleiding kan in de praktijk verschillende vormen hebben. De onderstaande voorbeelden zijn ter inspiratie van hoe je dit zelf ook in de onderwijspraktijk kan toepassen. Bij voorbeeld 1 gaat het om de praktijkexpert die zorgt voor een veilige en vertrouwde omgeving, bij voorbeeld 2 ligt de focus o.a. op het inzetten van laagdrempelige communicatiekanalen en informele ontmoetingen, bij voorbeeld 3 is de begeleiding niet verplicht en laat het studenten vrij om een gesprek te hebben en voorbeeld 4 is gericht op het delen van ervaringen in individueel en groepsverband en de herkenning die daarbij kan komen kijken. Deze voorbeelden kunnen dienen als inspiratiebron als je je meer wilt richten op laagdrempelige begeleiding.
Laagdrempelig
Onderstaande tips kunnen ter inspiratie dienen voor begeleiders om te werken aan een vertrouwde relatie in de begeleiding van studenten.
Vast aanspreekpunt. Zorg dat studenten één herkenbaar contactpersoon hebben op school en stage, zodat altijd duidelijk is bij wie zij terechtkunnen.
Zichtbaar en benaderbaar. Wees regelmatig aanwezig en plan vaste contactmomenten, zodat contact vanzelfsprekend en veilig aanvoelt.
Persoonlijke relatie. Investeer bewust in het leren kennen van de student, zowel op school als op de stageplek, om vertrouwen op te bouwen.
Ruimte voor eigen onderwerpen. Geef studenten de gelegenheid om zelf te bepalen wat zij willen bespreken, zonder dat het gesprek direct gestuurd wordt.
Informeel contact. Maak gebruik van laagdrempelige communicatiekanalen, zoals WhatsApp, en informele ontmoetingen om de afstand te verkleinen.
Neutrale rol. Benadruk – waar van toepassing – dat begeleiding geen invloed heeft op cijfers of beoordelingen, zodat studenten vrijuit durven spreken. Hierbij kan ook overwogen worden om externe coaches in te schakelen. Zij zijn bij uitstek in staat om als neutrale buitenstaander vanuit een holistisch perspectief de student te begeleiden.
Ervaring uit de praktijk. Zet praktijkervaring in om situaties te herkennen en te normaliseren, wat helpt om een veilige en open sfeer te creëren.
Oog voor welzijn. Informeer naar het (mentale) welzijn van studenten en laat merken dat je ook buiten vaste momenten betrokken bent bij hoe het met hen gaat.
PRAKTISCHE TIPS
De slb’er is een vast, bekend contactpersoon voor studenten. De slb’er let hierbij ook op het mentale welzijn van studenten en heeft bijvoorbeeld ook af en toe buiten kantoortijden contact met de studenten. Doordat er een vast gezicht is en studenten weten dat er iemand vanuit de opleiding is die hen in de gaten houdt hoe het met hen gaat, krijgen studenten het gevoel dat hun zorgen en emoties serieus genomen worden. Hierdoor voelen studenten zich wellicht eerder vrij en veilig genoeg om vragen te stellen, problemen te adresseren, ervaringen en vrijuit gedachtes te delen.
Talentontwikkeling
De coach is van buiten de school, maar heeft praktijkervaring in het werkveld. Hierdoor is de coach als een ‘neutrale medestander’, wat studenten de kans biedt om zich vrijuit te spreken over problemen en zonder angst voor mogelijke gevolgen. Ze hebben namelijk geen invloed op cijfers of rapportages, wat helpt om een open en vertrouwde relatie op te bouwen. Door een veilige en vertrouwde omgeving te creëren die de carrièrecoach vanuit ervaring kan herkennen, durft de student vragen te stellen en ervaringen te delen en komen er middels een gezamenlijk proces problemen naar boven.
Carrièrecoach
In de gesprekken met de arbeidscoach heeft de student ruimte om eigen onderwerpen te bespreken. De focus ligt op het opbouwen van een vertrouwensband, o.a. door informele ontmoetingen en het inzetten van laagdrempelige communicatiekanalen zoals WhatsApp. De arbeidscoach zorgt dat hij/zij zichtbaar en benaderbaar is. Dit samen verlaagt de drempel voor studenten om hulp te zoeken en om zorgen te uiten en vragen te stellen. Daarnaast wordt het gevoel van verbondenheid en vertrouwen versterkt. Doordat studenten hulp durven te vragen, stimuleert dat de ontwikkeling van persoonlijke en professionele vaardigheden en om zelfverzekerder om te gaan met tegenslagen.
Nazorg
De praktijkexpert spreekt de student op stage en school en is het vaste aanspreekpunt op de stage. De praktijkexpert fungeert daarmee als brug tussen studenten, werkbegeleiders en de onderwijsinstelling. Ze bouwen een persoonlijke band op met de studenten, door hen zowel op school als op de stageplek te begeleiden. Er zijn vaste contactmomenten, waardoor de begeleiders zichtbaar en benaderbaar zijn en studenten altijd weten bij wie ze terechtkunnen. Dit zorgt voor een omgeving waarin studenten zich veilig voelen. Door een veilige en vertrouwde omgeving te creëren, is de drempel lager voor studenten om vragen te stellen, hulp te vragen en open durven te zijn over eigen (on)mogelijkheden.
Co-creatie
PRAKTIJKVOORBEELDEN
Een Vertrouwde relatie zorgt ervoor dat studenten zich makkelijker uit durven te spreken zonder angst voor negatieve gevolgen. Het wordt ook als essentieel gezien voor het creëren van een veilige leeromgeving. Hierbij kan gedacht worden aan een vaste begeleider, maar ook aan externe begeleiding.
Hoe kan je dit aanpakken?
Het creëren van een vertrouwde relatie kan je op verschillende manieren aanpakken. De onderstaande voorbeelden zijn ter inspiratie van hoe je dit zelf ook in de onderwijspraktijk kan toepassen. Bij voorbeeld 1 is de praktijkexpert een vast aanspreekpunt en zijn er ook vaste contactmomenten, bij het tweede voorbeeld ligt de focus op het opbouwen van een vertrouwensband o.a. door informele ontmoetingen en laagdrempelige communicatiekanalen, bij voorbeeld 3 komt de coach van buiten de school en voorbeeld 4 is gericht op een vast contactpersoon die ook focust op het mentale welbevinden van de studenten. Deze voorbeelden kunnen dienen als inspiratiebron als je je in de begeleiding meer wilt richten op het creëren en opbouwen van een vertrouwde relatie.
Vertrouwde relatie
Onderstaande tips kunnen ter inspiratie dienen voor begeleiders om oog te hebben voor het welbevinden van studenten.
Extra aandacht. Gebruik aanvullende slb-uren om het mentale welbevinden van studenten actief te volgen en signalen vroegtijdig op te merken.
Gedeelde verantwoordelijkheid. Werk indien nodig samen met externe huiswerkbegeleiders en andere betrokkenen om studenten vanuit meerdere perspectieven te ondersteunen, bijvoorbeeld wanneer overbelasting dreigt.
Vroeg signaleren. Wees alert op veranderingen in gedrag, motivatie of prestaties en bespreek deze laagdrempelig met de student.
Tijdig doorverwijzen. Schakel passende professionele hulp in wanneer dat nodig is, zodat mentale klachten niet verergeren en studenten op tijd ondersteuning krijgen.
PRAKTISCHE TIPS
Door de extra slb-uren kan de slb’er extra scherp letten op het mentaal welbevinden van de studenten en extra ondersteuning aanbieden waar nodig. Daarnaast ziet de externe huiswerkbegeleider dit ook als belangrijke taak en speelt hierin een ondersteunende rol. Wanneer de student daar behoefte aan heeft, kan extra studiebegeleiding worden ingezet. Door de aandacht voor mentaal welbevinden, kunnen er in de opleiding eerder mentale problemen gesignaleerd worden en waar nodig, worden doorverwezen zodat de student op tijd hulp ontvangt. Door de bredere aandacht vanuit verschillende hoeken, wordt voorkomen dat mentale klachten escaleren.
Talentontwikkeling
PRAKTIJKVOORBEELD
Vroegtijdig signaleren van problemen en het bieden van passende ondersteuning draagt bij aan de mentale gezondheid en motivatie van studenten.
Hoe kan je dit aanpakken?
Vroegtijdige signalering kan in de praktijk verschillende vormen hebben. Onderstaand voorbeeld is gericht op het extra aandacht hebben voor mentaal welbevinden vanuit verschillende hoeken. Dit voorbeeld kan als inspiratiebron dienen als je je in de begeleiding meer oog wilt hebben voor welbevinden.
Oog voor welbevinden
Onderstaande vragen kun je jezelf als begeleider stellen om te reflecteren op waar je behoefte aan hebt om te werken aan je eigen professionalisering.
Gezamenlijke reflectie. Zijn er regelmatig rondetafelgesprekken of andere bijenkomsten waarin je als begeleider praktijkervaringen kunt delen en samen reflecteren op de begeleidersrol en de uitdagingen die dat soms met zich meebrengt?
Individuele ondersteuning. Is er structureel ruimte voor één-op-één gesprekken voor begeleiders om dilemma’s te bespreken en gerichte oplossingen te verkennen.
Evalueren: Wordt de voortgang van een specifieke casus of andere aanpak met elkaar besproken en gemonitord, zodat dit bijdraagt aan een langdurige ontwikkeling en leerproces van jou als begeleider?
Coachingsvaardigheden versterken. Is er (intern of extern) ruimte om te oefenen met het stellen van reflectieve vragen, het aannemen van een neutrale houding en het geven van constructieve feedback.
Eenduidige aanpak. Ervaar je goede afstemming en samenwerking tussen begleiders in een learning community, zodat studenten een consistente en herkenbare begeleiding ervaren, of maakt het voor de student nu erg uit welke begeleider men treft?
PRAKTISCHE TIPS
Bij deze aanpak wordt een aantal bijeenkomsten voor carrièrecoaches georganiseerd om studenten beter te kunnen begeleiden. De carrièrecoach, die uit de praktijk komt, wordt ondersteund met een kick-off, intervisiemomenten en leidende vragen voor de sessies. Tijdens deze sessies leren zij coachingsvaardigheden, zoals het stellen van reflectieve vragen, het aannemen van de houding van een neutrale medestander en het geven van feedback. Daarnaast is er ook ruimte voor onderlinge afstemming tussen carrièrecoaches, zodat er geen grote verschillen ontstaan voor studenten. Dit zorgt voor een eenduidige en gestuctureerde coachingsaanpak. De coaches worden samengebracht in een learning community, hierdoor leren ze ook van elkaar en kunnen ze beter met elkaar afstemmen.
Carrièrecoach
Bij deze aanpak organiseren praktijkexperts regelmatig rondetafelgesprekken waarin werkbegeleiders praktijkervaringen delen en reflecteren op hun begeleidersrol. Daarnaast voeren praktijkexperts één-op-één gesprekken om werkbegeleiders te ondersteunen bij dilemma’s en hen te helpen oplossingen te vinden voor specifieke uitdagingen in de begeleiding. Door deze gesprekken gaat ook de werkbegeleider reflecteren op het eigen handelen en kan de begeleiding daarop weer aanpassen. Doordat de begeleiders leren leren, hebben zij een betere leerhouding, worden zij betere rolmodellen en kunnen zij passende begeleiding geven aan de student.
Co-creatie
PRAKTIJKVOORBEELDEN
Het professionaliseren van begeleiders door hen op te leiden of samen te laten reflecteren tijdens intervisiemomenten zorgt ervoor dat ze studenten beter kunnen ondersteunen.
Hoe kan je dit aanpakken?
Professionalisering van begeleiders kan in de praktijk verschillende vormen hebben. Onderstaande voorbeelden kunnen ter inspiratie dienen van hoe je dit zelf ook in de onderwijspraktijk kan toepassen. Bij voorbeeld 1 leren begeleiders leren en bij voorbeeld 2 leren begeleiders in een aantal bijeenkomsten coachingsvaardigheden, kunnen zij onderling afstemmen en leren ze ook weer van elkaar. Deze voorbeelden kunnen dienen als inspiratiebron als je zelf ook aan de slag wilt gaan met professionalisering (van begeleiders).
Professionalisering van begeleiders