De begeleiding is Laagdrempelig: de student kan gemakkelijk contact maken met de begeleider om problemen te bespreken, of de begeleiding is een vast onderdeel van de opleiding. Het aanbieden van toegankelijke begeleiding, bijvoorbeeld door vaste begeleiders aan te wijzen, maakt het makkelijker voor studenten om hulp te zoeken.
Hoe pak je dit aan?
Laagdrempelige begeleiding kan in de praktijk verschillende vormen hebben. De onderstaande voorbeelden zijn ter inspiratie van hoe je dit zelf ook in de onderwijspraktijk kan toepassen.
Vier voorbeelden:
Tips
Onderstaande bronnen bieden ondersteuning en achtergrondinformatie voor begeleiders ter inspiratie voor handelingsvormen voor laagdrempelige begeleidingsaanpak.
..
..
..
CIMO-patroon
In verschillende CIMO-patronen is er sprake van laagdrempelige begeleiding van de student. De begeleiding is een vast onderdeel van de opleiding of de student kan gemakkelijk naar een begeleider stappen. De drempel tot hulp wordt hierdoor verlaagt.
De praktijkexpert spreekt de student op stage en school en is het vaste aanspreekpunt op de stage. Door een veilige en vertrouwde omgeving te creëren, durft de student op stage vragen te stellen en open te zijn over eigen (on)mogelijkheden.
De student krijgt extra slb-uren (groep of individueel) als onderdeel van de opleiding. Doordat de student ervaringen kan delen en bij andere studenten kan herkennen, voelt de student zich verbonden met de opleiding, serieus genomen en dat hij/zij gezien en gehoord wordt.
In de gesprekken met de carrièrecoach heeft de student ruimte om eigen onderwerpen te bespreken. Door deze vraaggerichte aanpak (naar gelang behoefte) blijft de student gemotiveerd voor de stage en opleiding.
De arbeidscoach legt laagdrempelig contact met de student. Door deze veilige en vertrouwde omgeving te creëren, durft de student vragen te stellen en wordt hij/zij zelfverzekerd(er).